Als werkgever draagt u verantwoordelijkheid voor de veiligheid en de gezondheid van uw medewerkers in alle aspecten die met het werk te maken hebben. Een deel van uw verantwoordelijkheden als werkgever komen voort uit de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en het Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit). Een ander deel, met enige overlap met de Arbowet en het Arbeidsomstandighedenbesluit, is opgenomen in het Burgerlijk Wetboek.

Arbowet en Arbeidsomstandighedenbesluit

Als werkgever bent u verantwoordelijk voor naleving van de Arbowet en het Arbeidsomstandighedenbesluit en daarmee voor de zorg voor een zo veilig en gezond mogelijke arbeidssituatie voor uw werknemers en uzelf. Kijkend naar risicovolle werkzaamheden zoals op hoogte en in besloten ruimten, dan verdienen de onderstaande verantwoordelijkheden extra aandacht:

1. Arbeidsomstandighedenbeleid bepalen

Het ontwikkelen en uitvoeren van arbeidsomstandighedenbeleid. Dit beleid is erop gericht dat de uit te voeren werkzaamheden, waaronder die op hoogte of in een besloten ruimte, geen nadelige gevolgen hebben voor de veiligheid en gezondheid van uw werknemers.

Denk op hoogte aan valgevaar maar bijvoorbeeld ook aan blootstelling aan straling van telecommasten of de röntgenafdeling van een ziekenhuis. In een besloten ruimte kan een werknemer blootgesteld worden aan onder andere schadelijke stoffen, hoge temperaturen of hevige trillingen maar ook hier kan er sprake zijn van valgevaar. In het arbeidsomstandigheden-beleid wordt vastgelegd op welke wijze met deze gevaren wordt omgegaan.

2. Een Risico Inventarisatie & Evaluatie uitvoeren

Het (laten) uitvoeren en up-to-date houden van een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E). In het RI&E rapport staat bijvoorbeeld of de veiligheid en gezondheid in gevaar komen door niet-doorvalveilige lichtstraten, explosiegevaar of een gebrek aan zuurstof. In dit rapport worden ook de beheersmaatregelen omschreven die medewerkers tegen de geïdentificeerde gevaren en de optredende risico’s beschermen. Beheersmaatregelen onderbouwd aan de hand van de arbeid hygiënische strategie.

wetgeving arbeid hygiënische strategie

Een weging van de risico’s helpt u om de juiste prioriteiten te stellen. U dient uw RI&E ter toetsing voor te leggen aan een arbodienst of een gecertificeerde deskundige.

3. Een Plan van Aanpak opstellen

Het opstellen van een Plan van Aanpak als onderdeel van uw RI&E. In dit praktische plan dient u aan te geven wanneer uw organisatie welke maatregelen tegen risicovolle situaties neemt en wie daar verantwoordelijk voor is. Dit kan gaan om het beschikbaar stellen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een full body harnas met een veiligheidslijn of een helm, het vervangen van bijtende schoonmaakmiddelen door neutrale middelen, maar ook om het geven van training in het redden en evacueren van een collega.

4. De arbeid hygiënische strategie volgen

Het volgen van de arbeid hygiënische strategie waarbij u indien mogelijk gevaren bij de bron dient aan te pakken. Voorbeelden zijn de installatie van een airco unit op de begane grond in plaats van op het dak en het van buitenaf reinigen van een tank. Zo hoeven uw medewerkers geen onderhoud op hoogte uit te voeren en de tank niet te betreden waardoor u het risico op vallen en bijvoorbeeld het risico op verstikking wegneemt.

Daalt u af in de arbeid hygiënische strategie, dan dient u uw keuze te onderbouwen. Individuele maatregelen zoals het plaatsen van een rail- of kabelsysteem en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals adembescherming vragen namelijk om aanvullende competenties van de gebruiker. Onjuist gebruik brengt dus risico’s met zich mee. Dit vraagt dan ook om weloverwogen keuzes.

5. Rekening houden met de persoonlijke eigenschappen van werknemers

Het zoveel mogelijk aanpassen van de inrichting van arbeidsplaatsen, werkmethoden, gebruikte arbeidsmiddelen en inhoud van de werkzaamheden aan de persoonlijke eigenschappen van uw werknemers. Denk aan de inzet van een tilhulp voor een medewerker met rugklachten, het ter beschikking stellen van een harnasgordel in de juiste maat voor een medewerker die klein van stuk is of een veiligheidsbril op sterkte voor een medewerker met een oogafwijking.

6. Voorlichting, instructies en training geven

Het geven van voorlichting, instructies en training aan uw werknemers. Instructies kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op het veilig gebruiken van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een valblok. Maar ook training in hoe een collega te redden die bewusteloos in zijn harnas hangt en voorlichting over hoe er in uw organisatie wordt omgegaan met agressie en geweld vallen hieronder.

7. Arbeidsmiddelen keuren, beproeven en onderhouden

Het tijdig onderhouden, keuren en zo nodig beproeven van arbeidsmiddelen. Dit geldt voor arbeidsmiddelen die onderhevig zijn aan invloeden die kunnen leiden tot verslechteringen waaruit gevaarlijke situaties voor de veiligheid en gezondheid van uw medewerkers kunnen voortkomen.

Voorbeelden zijn:

  • het minimaal jaarlijks keuren en onderhouden van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals valblokken, harnassen en veiligheidslijnen;
  • het tenminste jaarlijks keuren en onderhouden van betredings- en reddingsmiddelen voor besloten ruimten zoals davit armen en driepoten;
  • het minimaal elke 6 maanden keuren en waar van toepassing beproeven van ankerpunten die voor rope access klimtechnieken worden gebruikt;
  • het tenminste jaarlijks inspecteren en beproeven van mechanisch bevestigde ankerpunten waarvan de bevestigingsmiddelen niet zichtbaar zijn.

8. Arbeidsongevallen melden

Het melden van ernstige arbeidsongevallen bij de Inspectie SZW en het registreren van arbeidsongevallen in uw eigen ongevallenregister. Indien één van uw medewerkers op kantoor of op locatie bijvoorbeeld van een trap of ladder valt en zijn been breekt, dan dient u dit ongeval te melden en te registreren.

9. Gevaar voor derden voorkomen

Het voorkomen van gevaar voor derden in verband met de werkzaamheden die door uw werknemers worden verricht. Gaan uw medewerkers bijvoorbeeld een LPG tank gasvrij maken, dan dient de omgeving afgezet te worden en dienen derden voor aanvang van de werkzaamheden geïnformeerd te worden zodat zij geen gezondheids- en veiligheidsrisico lopen. Hetzelfde geldt voor het uitvoeren van werkzaamheden op hoogte waarbij er materiaal of gereedschap naar beneden zou kunnen vallen waarbij een omstander of voorbijganger geraakt zou kunnen worden.

10. Toezicht houden

Het toezicht houden op de werkzaamheden die uw medewerkers uitvoeren. U dient zich ervan te verzekeren dat de te nemen beheersmaatregelen daadwerkelijk genomen zijn en dat de gezonds- en veiligheidsrisico’s voor uw medewerkers en eventuele derden inderdaad tot een acceptabel niveau teruggebracht zijn.

Burgerlijk Wetboek

In het Burgerlijk Wetboek zijn enkele bijzondere verplichtingen van de werkgever opgenomen:

1.Schade voorkomen

Het voorkomen dat uw medewerkers schade lijden tijdens de uitvoering van hun werkzaamheden. U dient de werkplek en de middelen en gereedschappen waarmee een medewerker zijn werk uitvoert zodanig in te richten en te onderhouden dat schade voorkomen wordt. Daarbij dient u passende (veiligheids)maatregelen te treffen en de juiste aanwijzingen te geven. Deze verplichtingen hebben raakvlakken met punt 6, 7 en 10 uit het deel over de Arbowet en het Arbeidsomstandighedenbesluit.

2. Aansprakelijkheid voor schade van werknemers

Tegenover uw werknemers bent u aansprakelijk voor de schade die zij bij de uitoefening van hun werkzaamheden lijden. Tenzij u kunt aantonen dat u de onder punt 1 genoemde verplichtingen bent nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. Kortom, u dient ‘goed vaderschap’ te tonen.

3. Geen arbeidsovereenkomst, toch aansprakelijk

Indien u werkzaamheden laat verrichten door een persoon met wie u geen arbeidsovereenkomst heeft, bent u aansprakelijk voor de schade die deze persoon in de uitoefening van zijn werkzaamheden voor u lijdt. Denk aan het inhuren van een ZZP’er of uitzendkracht of het inzetten van een vrijwilliger die u bijvoorbeeld wel gereedschap en instructies geeft.

Welke rollen kan ik als werkgever nog meer hebben?

Als leidinggevende of directeur, al dan niet in loondienst, kunt u naast de rol van werkgever ook de onderstaande rollen hebben:

  • Werknemer: u bent in dienst van een bedrijf of organisatie en bent dus naast werkgever werknemer met de bijbehorende rechten en plichten
  • Opdrachtgever: u en/ of uw medewerkers geven opdrachten uit en/ of huren derden in voor het uitvoeren van werkzaamheden
  • Opdrachtnemer: u en/of uw medewerkers nemen opdrachten van andere partijen aan en/of leveren medewerkers die werkzaamheden voor/bij uw opdrachtgevers uitvoeren
  • (Gebouw)eigenaar: u bent of uw bedrijf/organisatie is eigenaar van een gebouw, bouwwerk, open erf of terrein
  • Beheerder: u of uw bedrijf/organisatie beheert een gebouw, bouwwerk, open erf of terrein voor de eigenaar

Vragen? Neem gerust contact op

Eurosafe Solutions

Eurosafe Solutions

Telefoon: +31 (0)38 467 19 10 E-mail: info@eurosafesolutions.com